18 Oct, 2017

Portretten 2003-2006

Joke - December 2003

Een vrouw met een aura om haar heen

Joke priemt met haar geheimzinnige ogen naar de camera. In de woonkamer fonkelen duizenden lichtjes om de kerstsfeer te eren. Daar zorgt haar vriend Mario voor. Als Driekoningen voorbij zijn, krijgen honderden knuffels er opnieuw hun vaste stek. Joke wil vooral haar innerlijke in balans houden met de wereld om haar heen. En dat een vrouw ook na de transitie haar mannetje moet blijven staan, bewijst ze als juriste op een kantoor in Brussel. “Het is niet allemaal sukker en zeem” - rozengeur en maneschijn - zucht Mario.
 
Joke: Toen mijn moeder stierf, tijdens mijn laatste jaar aan de universiteit, kwam ik plots in een leegte terecht. Mijn vader had geen tijd voor me en mijn broer en zus waren al de deur uit. Ik voelde me eenzaam. Door die leegte ben ik op zoek gegaan naar mezelf, want al die jaren deed ik dingen die anderen oplegden of vroegen. Ik voelde me bevrijd uit de gevangenis.

De familie heeft niet echt gereageerd. Ik zie mijn broer en zus nog, maar ze hebben een gezin. Mocht hen iets overkomen, dan zou ik er naartoe gaan. Ik vind naaste familie belangrijk. Mijn vader zat meer met de schrik hoe mensen tegenover hem zouden reageren. Een egoïstische reactie, maar zeker niet te rechtvaardigen. Ik was het meest volgzame kind van de drie en dit is mijn beloning geweest. Ik zal dit mijn vader altijd blijven verwijten.

Ik zat op een jongenscollege. Nachtmerries had ik. Ik durfde nauwelijks door de schoolpoort gaan. (Hevig...) Boekskes die ik er nog van krijg, zwier ik op het stort!!! Altijd werd ik gewezen op het presteren. Dat was ook zo op de universiteit, maar een gemengd auditorium was toch een serieuze verademing.

Ik ben in het homomilieu terechtgekomen maar dat was niet de oplossing. In feite wist ik wat er met me aan de hand was. Nu zeggen mensen tegen me: “Ik zou dat nooit kunnen.” Maar ik had geen keuze. Het was buigen of barsten. Ik heb verschillende zelfmoordpogingen ondernomen tot ik Mario leerde kennen. Bij onze eerste afspraak ben ik er als mossel noch vis naartoe gegaan. Er was een zekere aantrekkingkracht. De warmte die ik thuis kwijt was, vond ik bij Mario.

Mario: Ik zocht iemand om niet alleen te zijn. Ik vond een nummer in een magazine. Toen ik haar belde zei ik tegen mezelf: “Ja... dat is het en niets anders meer.” Ze zat met haar mama in. Ik ga dat nooit vergeten. Ik hoorde haar altijd praten over haar vader, zus en broer, nooit zei ze iets over haar moeder. Ik zag meteen dat er iets niet ging bij haar. Na een paar ontmoetingen sprak ik op aanraden van een vriendin mijn huisdokter aan. Zo is de bal beginnen rollen. Tijdens een aantal gesprekken van het genderteam van het UZ Gent, heb ik gesmeekt Joke te helpen, anders had ik haar toch nog kunnen gaan begraven.

Joke: Toen ik aan mijn transitie begon was ik al aan het werk, maar was nog niet benoemd. Het was een pantomime en scène. Mijn rechtstreekse chef stond er zeer negatief tegenover en vroeg: “Je gaat toch niet afkomen met oorbellen en hoge hakken en korte rokken?” Ze hielden me in de gaten. Sommige mensen kwamen elke dag kijken welke broek ik aanhad. In het begin hielden ze mij buiten vergaderingen. Maar na een tijdje kwamen ze tot inzicht dat ik niet alleen was op de wereld en dat ze dan meer rationeler mijn geval gingen bekijken. Mijn werk was tiptop in orde. Bij zijn pensioen heeft mijn chef er zich uiteindelijk bij neergelegd. Beter nog, hij had veel begrip voor mensen zoals ik. Als hij nu nog eens langskomt, staat hij altijd met mij babbelen.

Maar toch is je vrouwelijkheid er voortdurend in gevaar, op uiterlijk en fysiek vlak en op prestatiegebied. Je moet niet enkel een hele transformatie ondergaan, uiterlijk én innerlijk. Je moet je voortdurend bewijzen en je moet je nadien als vrouw emanciperen, je bewijzen in een mannenwereld. Ik ben juriste en ik kan verzekeren dat je geen trutteke kan zijn. Om het plat te zeggen: we zijn ons kloten kwijt, maar we hebben ze nog nodig.

Huisdokters hebben ooit tegen me gezegd dat ik brei- en naailessen moest volgen, vanwege de associatie met vrouwen. Een vertekend beeld vanuit de jaren stillekes. Het toppunt is dat Mario dat allemaal kan... Ik zou geen man willen die zijn vrouwelijke kanten niet kan tonen: helpen in het huishouden, de was doen, strijken, naaien... dat is toch ook emancipatie. Leven in een parallelle partnerstructuur. Mario heeft me wat assertiviteit bijgebracht, guts om te durven. Tot vijf, zes jaar geleden durfde ik niets, zelfs niet buitenkomen, omdat ik uit een overbeschermd milieu kwam. Het komt door mijn eeuwige twijfel.

Mario: Vier dagen na de operatie traden serieuze complicaties op: door het uithalen van de prothese was de wonde beginnen bloeden. Ik dacht dat ze erin zou blijven. Hechtingen kwamen weer open. Ze moest weer onder volledige verdoving. Het is haar niet gegund, dacht ik. Eenmaal thuis kreeg Joke opnieuw een bloeding en ging ze in een depressie. Ze wilde geen derde operatie meemaken.
Joke: Ik weet dat ze hun werk hebben gedaan, maar ze hebben een zware fout gemaakt. Toch ga ik er geen drama van maken.

Ik heb tijdens mijn veranderingsperiode steun en erkenning gezocht bij de Genderstichting. Op de bijeenkomsten hoorde je links iets en rechts iets. Je kon er dus ook praktische informatie terecht. Nadat alles achter de rug was, voelde ik er me niet meer thuis. We moeten niet in gettovorm gaan leven of in een clubje van exen op stap gaan. Je bent dan een vrouw en je moet je integreren in alle groepen van de samenleving. Vrouw zijn betekent voor mij je eigen zijn in al je facetten en je niet verplicht voelen om in een theekransje te gaan zitten.

Een psycholoog-astroloog heeft gezegd dat ik wat ik in mij heb meer moet stimuleren, me niet meer laten beïnvloeden door anderen, meer onafhankelijk te zijn. Ik ben zelf ook verklaringen aan het zoeken binnen de astrologie. Ik vind er mijn goesting in omdat heel wat zaken uitkomen en kloppen. Mijn horoscoop heeft me wel gewaarschuwd. Ik ben in staat om mijzelf vooruit te helpen maar ben ook in staat om mijzelf kapot te maken. Er zit zodanig veel kracht in mij dat ik die kracht kan kanaliseren, maar die kan ook tegen mij werken.

Over de problematiek rond transseksualiteit hangt nog steeds een groot taboe met veel vooroordelen. Ook op mijn werk nog. Toch kwamen collega’s ook bij mij terecht met hun problemen. Dus heb ik het anders aangepakt. Ik ben er nu één van de vertrouwenspersonen. Tijdens de middagpauze werk ik door zodat ik tijd kan maken voor iedereen. Maar als er nieuwelingen bijkomen dan word ik nog met de vinger gewezen. Ik vraag me nog steeds af of dat voor de rest van mijn leven gaat blijven duren.

Ik heb nog steeds enorm veel moeite met mijn lengte. Een natuurlijk vrouw die 1m85 is, zal ook klagen dat iedereen naar haar kijkt. Ik kreeg de raad van het genderteam om er positief mee om te gaan. “We kunnen je niet verkleinen, dus doe geen te hoge hakken en geen te korte rokken aan”, was het advies.
Het is utopie om te denken dat je na je transitie met je vroeger transseksueel zijn nooit meer geconfronteerd zal worden. Toch vraag ik me af waarom wij met het etiket transseksueel moeten blijven rondlopen. Ik ben nu toch een vrouw zoals een ander. Het is niet altijd suiker en zeem daar ben ik toch van overtuigd.

Ik ben altijd een volgzaam, stil en introvert kind geweest, wilde niet opvallen, heb altijd braaf gedaan wat werd gezegd, altijd braaf gestudeerd en goede punten gehaald. In feite had ik enorm veel in mij, maar kon ik het niet uiten. Nu zou ik het anders doen hoor! Ik zou meer rebels zijn. Man of vrouw zijn, je uiterlijk en tevredenheid hierover zijn heel belangrijk en bepalend voor de rest van je leven. Een hormonenkuur op twaalfjarige leeftijd - wat in Nederland nu al kan - had veel stress en verdriet kunnen vermijden. Gelukkig heb ik mijn partner Mario, maar die heeft ook zijn eigen problemen en kan niet alles ongedaan maken. Een mens moet heel veel kunnen relativeren en dikwijls een stalen karakter hebben. Toch blijf ik samen met Mario nog hopen op betere tijden...

December 2003