18 Oct, 2017

Portretten 2003-2006

Justus - Februari 2005

Mijn lichaam droeg mijn geest van a naar b

Justus is een immer stralende jongeman die zich op een zeer geëngageerde manier inzet voor T-Image, een stichting die o.a. het tweejaarlijks Nederlands Transgender Filmfestival organiseert. Zo combineert hij zijn passie voor film én zijn interesse in de wondere wereld van gender en identiteit. Justus profileert zich duidelijk als man en daar voelt hij zich goed bij. Toch zet hij de mensen soms graag op het verkeerde been. “Een beetje rel schoppen en de maatschappij laten nadenken doet niemand kwaad”, vindt Justus.
 
Ik ben altijd al wel een filmofiel geweest. Toen ik in Berlijn woonde, ging ik veel naar de film, vooral naar queer-films. Deze interesse maakte toen geen bewust deel uit van mijn zoektocht. Ook tijdens mijn opleiding politicologie legde ik een zware klemtoon op gender- en homo/lesbo-studies, een manier om mij met transgenderstudies bezig te houden zonder dat het te persoonlijk werd. Ik had heel lang niet door wat er bij mij speelde. Ik heb er wel vroeger voor mezelf eens over nagedacht toen een goede vriend van me vertelde dat hij trans was. Hij vertelde mij zijn verhaal en ik herkende er heel veel in, behalve dat ik mijn borsten toen niet kwijt wilde. Dat ik transgender was, kwam tijdens de zomer van 2002 op een zonnige augustusdag uit de hemel vallen.

Ik was voordien begonnen met worstelen en als gevolg daarvan ging ik anders naar mijn lichaam kijken. In feite was tot dan enkel belangrijk wat er in mijn hoofd gebeurde. Mijn lichaam was er om mijn geest van a naar b te dragen. Worstelen is een en al fysiek. Ik ontdekte dat ik veel kracht heb en besefte plots dat ik een lichaam heb. Ik was de enige vrouw in de worstelclub, maar had het gevoel dat ik er als één van de jongens bijhoorde. Na een wedstrijd tijdens het Gay Pride Weekend van 2002 in Amsterdam en de Canal Pride ging ik naar huis. Daar stortte ik in en begon ik te huilen, zomaar zonder rede. Na deze middag besefte ik dat mijn lichaam niet klopte omdat ik in een vrouwenomhulsel zat.

Ik wist door mijn studie en mijn talrijke transgendervrienden al lang van het bestaan van Het Jongensuur [contactgroep voor mensen met een vrouwenlichaam die zich man, een beetje man of iets tussen de seksen in voelen] en ben naar een bijeenkomst gegaan. Het was bij een vriend die ik nog kende van voor zijn transitie. De daaropvolgende maanden heb ik veel tijd genomen om er met mijn transvrienden over te praten en me af te vragen of het voor mij vaststond dat er ook lichamelijke veranderingen nodig waren. Ik was helemaal niet suïcidaal, dus dacht ik dat ik nog een tijdje door kon gaan, maar na die huildag was dat toch wel echt veranderd. Toch bleef ik een beetje twijfelen...

Mijn genderidentiteit is duidelijk man en daar voel ik me heel erg prettig bij. Ik profileer me ook duidelijk als man, maar ik ben opgehouden om een plek te zoeken op het continuüm. Mensen stopten me voorheen niet in het mannenvakje, maar het butch-vrouwenhokje omdat ik een te vrouwelijke lichaamsbouw had. Ik heb er altijd mee gespeeld door mensen in verwarring te brengen. Als ze me bijvoorbeeld attendeerden dat ik op het verkeerde toilet zat dan zei ik met mijn hoogste piepstemmetje: “Oh, ik dacht het niet...” (lacht...) Ik vond het wel altijd leuk als mensen me als man zagen. Dat gebeurde voornamelijk in de VS en in Duitsland. Na mijn verhuizing naar Nederland sprak haast niemand me nog aan als man en dat vond ik best erg.

Soms speel ik wel eens met mijn genderidentiteit. Eén keer per jaar ben ik een drag queen en vind ik het leuk om een jurkje aan te doen en make up op te doen. Dan ga ik gewoon over de top. Ik doe gewoon een act. Ik heb bijna 30 jaar vrouwelijke socialisatie achter de rug en ben me heel bewust van mijn vrouwelijke kanten, meer nog dan van mijn mannelijke kanten die ik nog verder aan het ontdekken ben. Ik heb helemaal niet de behoefte om mijn vrouwelijke kanten te onderdrukken. Het evenwicht is belangrijk.

Anderhalf jaar geleden ben ik met testosteron begonnen en afgelopen oktober heb ik een borstoperatie gehad. Begin maart ga ik mijn baarmoeder en eierstokken kwijt raken. Ik vind het een heel geruststellende gedachte om nooit meer te menstrueren en nooit zwanger te kunnen worden. Toch is het voor mij niet zo urgent dat het lijkt. Ik moet het doen wil ik het geslacht op mijn paspoort veranderen. Je moet je onvruchtbaar laten maken, zo staat het in de Duitse en de Nederlandse wet. Belachelijk dat de wetgever zich daarmee bemoeit. Dat is voor mij een strijdpunt naar de toekomst toe...

In Duitsland kan je je naam eerder laten veranderen en eerder je papieren in orde maken. Ik heb al een jaar een paspoort met de juiste voornaam in. Daardoor heb ik ook het recht al mijn officiële documenten inclusief mijn certificaten en diploma’s te laten veranderen. In Nederland is dat heel moeilijk. Dus ook dat is een strijdpunt. In Vlaanderen krijg je geen nieuw getuigschrift of diploma en dat is verschrikkelijk.

Mijn engagement binnen de transgendergemeenschap is heel belangrijk voor mij. Ik vind het leuk me met politiek bezig te houden. Als ik zie dat iets niet rechtvaardig is dan krijg ik heel erg de kriebels om daar wat aan te doen. Ik vind het leuk om daarover wat rel te schoppen en me te laten horen. Ik wil best op de eerste rij lopen achter een spandoek die ik zelf heb gemaakt. Ik denk wel dat de tijd van de barricades voorbij is, maar er zijn meer mogelijkheden bijgekomen: networking, brieven schrijven en televisie.

Ik ben bezig met het opzetten van een landelijk transgendernetwerk en dat loopt prima. Een bijeenkomst tijdens de T3-conferentie aan het eind van 2004 in Amsterdam, georganiseerd door de stichting T-Image, was een eerste strategische stap. Er zijn heel veel verschillende groepen in Nederland die hun nut hebben en ook hun identiteit moeten behouden. Maar er moet een soort koepel komen om meer samen te werken. De tijd is er rijp voor want de transgenderbeweging is volwassen aan het worden.

Of er al dan niet een hechtere samenwerking moet komen met de LGB-mensen [holebi’s] daar ben ik nog niet goed over uit. Er zijn veel dingen die we gemeen hebben, voornamelijk de manier waarop de maatschappij tegen ons aankijkt en discrimineert is vaak dezelfde, namelijk dat we niet binnen de (geslachts)normen passen. Toch mogen we vooral mekaars eigenheden niet vergeten. We worden te vaak in één pot gegooid, waardoor het gevaar bestaat dat de transen ondergesneeuwd raken omdat het om heel wat minder mensen gaat. De transgendergemeenschap staat best op zich omdat er een aantal heel specifieke dingen zijn die LGB-mensen niet hebben, zoals de medische aspecten en het juridische aspect van de geslachtsaanpassing.

Februari 2005