18 Oct, 2017

Portretten 2003-2006

Laurence - Januari 2004

Een tweede leven, volle vaart vooruit

Laurence is een vrouw met een missie. Ze is daarbij uiterst punctueel en huiveringwekkend zelfzeker. Met de nodige flair ging in augustus 2004 haar aangezicht onder het mes. Nauwelijks een week na de negen uur durende operatie zit ze opnieuw in haar vertrouwde thuis. Laurence is de kaap van 50 voorbij, maar is van plan om er zo snel mogelijk weer in te vliegen. “Niet iedereen krijgt de kans op een tweede leven”, zegt ze geregeld. In januari 2004 vertelde Laurence – toen een vrouw met een hoog Tina Turner-gehalte – al een stuk van haar verhaal.

Ik was klein van gestalte, zelfs kleiner dan de meisjes van de klas. De dokter gaf daarom een reeks inspuitingen. Ik groeide wat, maar kreeg problemen met mijn rug, zodat ik steunzolen moest dragen. Omdat mijn ouders net gebouwd hadden, kochten ze niet telkens nieuwe dure steunzooltjes voor me, maar af en toe ook schoenen met een kleine verhoging, net hakjes. Dat voelde picco bello aan en ik was vertrokken. In de jaren ’70 – ABBA was in – ging ik graag met de mode mee. Onder de wijde broeken kon je de schoenen dragen die je wou. In het leger was het in het begin hard met die bottines tot ik er binnenin zelf iets kon inzetten. Voor mij is het dragen van schoenen met hakken mijn hele leven al een uitlaatklep om mijn vrouwelijke kant te uiten. Of het travestie of fetisjisme was, weet ik niet. Ik heb geen behoefte om dat te labelen.

Vanaf ik kon, ben ik alleen gaan wonen zodat ik mijn vrouwelijkheid meer kon beleven. Ik kocht meteen een slaapkleed en heb bijna nooit meer in pyjama geslapen. Later waren mijn twee ex-vrouwen vanaf dag 1 op de hoogte. Thuis droeg ik elegante damesschoenen met hakken. Op het werk of bij een familiebezoek beperkte ik me tot schoenen met minder opvallende hakken. Omdat ik het dragen van een slaapkleed als makkelijk ervaarde, vroeg ik me af waarom ik geen rok kon dragen. Stilaan werden mijn partner en ik het gewoon, maar ik kwam er niet mee naar buiten. Ik droeg geen flamboyante kledij of minirokken, enkel een paar vrouwelijke elementen. In mijn toffe job als pilot beleefde ik alle mogelijke uitdagingen en kon zo mijn vrouwelijkheid onderdrukken. Volgens mij zit daar de oorzaak dat ik het zo lang heb kunnen volhouden als man.

‘t Is in feite pas na mijn pensionering dat ik meer tijd had en me begon af te vragen waarom niet met de meer vrouwelijkere schoenen en in rok buiten kon gaan. Ik ging onder andere in de Nieuwstraat in Brussel shoppen. Onder de waist was ik vrouwelijk gekleed. Bovenaan droeg ik mannelijke spullen. Ik zat ook met een haast kaal hoofd. Ik had een uniseksuitstraling.

Het scharniermoment was een bijna dodelijk vliegtuigongeval. Dat was het moment dat ik gestopt ben te leven voor anderen. Ik was hoofdpiloot van een paraclub en tijdens een van de vluchten om para’s te droppen liep het fout door een ontplofte motor. Ik kon de kist nog net aan de grond zetten. Op dat moment ben ik voor mezelf beginnen leven. Mijn vrouw werkte in Duitsland. De weekends waren we samen. De ene week bleef ik in Duitsland, de andere week was ik alleen in België. Een ideale combinatie om thuis te experimenteren. Bovendien kenden ze me in Duitsland niet, dus waren ook daar mogelijkheden. Ik leefde erg op mezelf.

Ik was al op pensioen, toen ik in 2000 opnieuw voor zes maanden een militair contract tekende. Het was tijdens de oorlog in Kosovo. Ik zat in het hoofdkwartier in Italië. De hele tijd verbleef ik in een hotel naast een shopping center. Daar had ik de vrijheid en daar is de beslissing gevallen: beter scheiden en volledig leven zoals ik wil, in plaats van altijd proberen de gulden middenweg te vinden, ook voor mezelf.

Al heel mijn leven heb ik het mannelijke en vrouwelijke gecombineerd. Daardoor had ik geen probleem om me te outen. De eerste keer is dat wel een beetje raar. Ik was aangesloten bij een internationale hakkenclub. Tijdens een uitje in Rotterdam droeg ik voor het eerst een lange jeansrok in het openbaar. Ik had een videocamera bij me en was benieuwd naar de reactie van de mensen op straat. Er was niemand die zich omdraaide. Toch zag ik er veel slechter uit als nu. Het was geen zicht. Ik had zelf geen make-up aan.

In november 2002 heb ik ex-collega’s, familie en buren een eerste outing letter gestuurd, als transgender: een beetje vrouw, een beetje man. De meeste mensen reageerden heel positief. Van in het begin heb ik altijd proberen open kaart te spelen met iedereen. Niet veel later ben ik gaan aanbellen bij de Genderstichting want het werd meer dan de fun van het dragen van schoenen en een rok. Dat bleek een belangrijke stap, want toen kwam alles in een stroomversnelling terecht. Ik evolueerde van transgender naar transseksueel en begon ook mijn real life test. In december 2003 ben ik in een tweede brief daarvoor uitgekomen en ben zo snel mogelijk als Laurence bij de mensen geweest. Ze waren aangenaam verrast, want mensen gaan al snel een karikatuur van je maken. Het is belangrijk dat vrienden en zoveel mogelijk familie in het geheel meegaan.

De meeste hebben een eigen muurtje rond zich gebouwd en durven er niet over. Ik heb er ook 30 jaar voor nodig gehad. Bij mij heeft er niemand de mogelijkheden uitgelegd, ik heb het allemaal in mijn eentje gedaan. Met een internetaansluiting in 1998 besefte ik dat ik niet alleen was. Ik begon later met bijeenkomsten voor transgenders bij mij thuis. Binnen de kortste keren had ik stoelen tekort en weken we uit naar een zaal boven een taverne. Zo is de Vlaamse Gender Kring geboren.

Als je technisch, financieel en medisch de mogelijkheden hebt om je lichaam aan te passen aan je geest dan vind ik nog vóór de geslachtsoperatie een gelaatsoperatie belangrijk om er deftiger en jonger uit te zien. Niet alleen voor mezelf, maar ook voor de buitenwereld. Het is meer dan een face lift. Het is ook het beenderwerk, als een goede basis. Dat is een operatie van één dag en een paar dagen erg afzien. Mensen die zo’n facial feminisation surgery hebben laten doen, dat is dag en nacht. Na de aanpassing van mijn gelaat zal ik hopelijk wel overkomen als een vrouw die chemo heeft gehad. Ik ben namelijk nogal kaal op mijn hoofd. Maar daarvoor is een pruik natuurlijk de oplossing.

Een transitie is een full time job. Ik weet niet hoe mensen die naar school gaan of gaan werken transitioneren. Het vergt voor mij zoveel tijd en energie, dat ik haast niets anders kan doen: informatie inwinnen, ervaringen delen via internet, lezen wat de dokters kunnen doen… Mijn principe is: tracht alles zo veel en goed mogelijk voor te bereiden. Als je eraan begint moet je ervoor gaan. Ik was op dat ogenblik met mijn vrouw al overeengekomen om te scheiden. Wij leefden al als broer en zus naast elkaar. Ze zei: “Ik heb geen lesbische gevoelens. Dus als jij vrouw aan het worden bent, dan zie ik geen reden om bijeen te blijven.”

Vrouw zijn betekent voor mij me goed voelen: geen verplichtingen, geen macho-uitstraling en niet verplicht competitief zijn. Door mijn leeftijd heb ik seksueel geen aspiraties meer, als man trouwens ook al niet. Kleren hebben me nooit opgewonden. Ik heb altijd heel goed met vrouwen kunnen praten. Nu ik zelf als vrouw tegenover hen sta, voelen ze het ook helemaal anders aan en vinden zij het ook veel aangenamer om met mij te praten. De sociale omgang als vrouw is veel beter en aangenamer te beleven dan man.

Ik zie in de toekomst Laurence als een taaie tante die op haar strepen staat. Ik mag dan wel vrouw zijn, dat betekent niet dat ze met mijn voeten kunnen spelen!

Januari 2004